Burgerlijk Wetboek Online

Voor alle artikelen uit het wetboek!

Art. 7:681 BW | BW7 Artikel 681

Art. 7:681 BWArt. 7:681 BW

Burgerlijk Wetboek Boek 7: Bijzondere overeenkomsten

Titel 10:┬á Arbeidsovereenkomst

Artikel 681

1 Indien een van de partijen de arbeidsovereenkomst, al of niet met inachtneming van de voor de opzegging geldende bepalingen, kennelijk onredelijk opzegt, kan de rechter steeds aan de wederpartij een schadevergoeding toekennen.

2 Opzegging van de arbeidsovereenkomst door de werkgever zal onder andere kennelijk onredelijk geacht kunnen worden:

a wanneer deze geschiedt zonder opgave van redenen of onder opgave van een voorgewende of valse reden;

b wanneer, mede in aanmerking genomen de voor de werknemer getroffen voorzieningen en de voor hem bestaande mogelijkheden om ander passend werk te vinden, de gevolgen van de opzegging voor hem te ernstig zijn in vergelijking met het belang van de werkgever bij de opzegging;

c wanneer deze geschiedt in verband met een verhindering van de werknemer om de bedongen arbeid te verrichten als bedoeld in artikel 670 lid 3;

d wanneer deze geschiedt in afwijking van een in de bedrijfstak of de onderneming krachtens wettige regeling of gebruik geldende getalsverhouding- of anci├źnniteitsregeling, tenzij hiervoor zwaarwichtige gronden aanwezig zijn;

e wanneer deze geschiedt wegens het enkele feit dat de werknemer met een beroep op een ernstig gewetensbezwaar weigert de bedongen arbeid te verrichten.

3 Opzegging van de arbeidsovereenkomst door de werknemer zal onder andere kennelijk onredelijk geacht kunnen worden:

a wanneer deze geschiedt zonder opgave van redenen of onder opgave van een voorgewende of valse reden;

b wanneer de gevolgen van de opzegging voor de werkgever te ernstig zijn in vergelijking met het belang van de werknemer bij de opzegging.

4 Een beding waarbij aan een van de partijen de beslissing wordt overgelaten of de arbeidsovereenkomst al of niet kennelijk onredelijk is opgezegd, is nietig.

Comments are closed.